Opruimen en emoties

Opruimen kan veel verschillende emoties met zich meebrengen. Vaak zijn spullen meer dan alleen gebruiksvoorwerpen. Je hebt het ooit gekocht of gekregen. Daar kunnen allerlei emoties aan vast zitten. Ook ervaar je vaak emoties op het moment dat je besluit iets wel of niet weg te doen. Dat kan de beslissing om het voorwerp weg te doen een stuk moeilijker maken.

Negatieve emoties

Negatieve emoties komen veel voor bij het opruimen van spullen. Hieronder bespreek ik er een aantal.

Spijt

Spijt dat je geld aan iets hebt uitgegeven dat je nooit gebruikt of gedragen hebt. Spijt van onbezonnen aankopen. Een gevoel van spijt over de aankoop van spullen die je nooit gebruikt, is heel normaal. Je hebt geld uitgegeven aan iets wat je niet gebruikt. Het voelt als weggegooid geld. Maar bedenk dat je nu beter weet. Voortaan denk je nog een keertje diep na voor je iets koopt. Marie Kondo zegt zelfs dat deze spullen je geleerd hebben dat je deze zaken niet nodig hebt en dat ze daarmee aan hun doel hebben voldaan.

Spullen die nog goed zijn maar die je zelf niet (meer) nodig hebt, kun je weggeven of verkopen. In het laatste geval heb je een deel van je geld terug, in het andere geval beleeft een ander er in ieder geval nog plezier aan.

In de toekomst kun je impulsaankopen voorkomen door bijvoorbeeld je pinpas thuis te laten of een 30-dagen lijst aan te leggen. Op je 30-dagen lijst schrijf je alles wat je graag wilt kopen. Noteer daarbij ook de datum van de dag waarop je het opschrijft. Wil je datgene wat je opgeschreven hebt over 30 dagen nog, dan mag je het kopen. Zo niet, dan heb je jezelf behoedt voor een impulsaankoop.

Verdriet

Soms zitten er verdrietige herinneringen aan spullen. Bijvoorbeeld iets wat je kocht of kreeg tijdens een relatie die inmiddels is stukgelopen of bezittingen of cadeaus van een dierbare die is overleden. Accepteer het verdriet en vraag je af of je deze dingen wilt houden. Herinneringen zitten niet vast aan het voorwerp. Natuurlijk hoef je niet alles weg te doen. Maar alles houden is meestal ook geen optie. Kijk waar je echt waarde aan hecht en doe de rest weg.

Angst

Onbewust ervaren veel mensen angst bij het opruimen. Angst om iets nodig te hebben op het moment dat ze het weg doen. Angst om los te laten. Angst voor een tekort aan iets. Vaak is die angst ongegrond. Bedenk dat de meeste voorwerpen vervangbaar zijn, mocht je het ooit nog eens nodig hebben. Vraag je ook af hoeveel je van iets nodig hebt. Vaak is dat minder dan je denkt. Soms is er een dieper liggend probleem dat je probeert te ontwijken door je te omringen met spullen. Speelt zoiets bij jou? Zoek dan hulp als je er in je eentje niet uit komt. Misschien helpt praten met iemand die je vertrouwt al. Zoek anders professionele hulp. Zij kunnen je helpen om je angst te overwinnen.

Positieve emoties

Positieve emoties ervaar je vooral als je dingen hebt waar je blij van wordt of als er mooie herinneringen aan kleven. Over het algemeen zul  je deze voorwerpen koesteren en ze willen bewaren. Moeten een aantal van deze dingen toch weg, bedenk dan dat de herinnering niet verdwijnt als het voorwerp verdwijnt. Maak desnoods een foto van het voorwerp voor je het weg doet.

Mijn eigen ervaring

Ik had ooit een T-shirt dat ik in een vakantie kocht. Ik droeg het ook tijdens verschillende andere reizen en al die herinneringen kwamen weer naar boven bij het zien van dat T-shirt. Maar uiteindelijk was het versleten en kon ik het niet meer dragen. Het lag nog een tijdje nutteloos te wezen in de kast. Uiteindelijk besloot ik het weg te doen nadat ik er een foto van had gemaakt. Veel later besefte ik dat ik genoeg (vakantie)foto’s heb waarop ik dat T-shirt draag. En dat de foto met alleen het shirt erop eigenlijk niets toevoegt. Die foto heb ik dan inmiddels ook niet meer. Maar de herinneringen aan al die keren dat ik het shirt droeg, heb ik nog steeds.